Hij
DE BERGEN ZIJN TEHOOG NOG DIEPER zijn de dalen waarlangs het leven gaat waarin wij steeds verdwalen De regen ,zon en storm van alle jaar getijde kunnen mij ook niet van mijn pijn bevrijden De ziekte in mijn lijf vreet door in mijn gedachten de duivel en zijn rijk lokt steeds met al zijn krachten En tekens weer opnieuw draag ik die grote last wie houdt er nu mijn handen vast Alleen hij legt de loopplank uit naar onze droeve harten en verlost ons voor het leven van de.z geleden smarten De tranen vloed droogt op door geloof begint het sterken dat Hij dan ook bij mij zal zijn hoop ik snel temerken.