Oma
Vaak denk ik nog aan oma
die immer luide bad
Bij het rollen van de donder
zichzelf in angst vergat
Oma geloofde in een goede God
maar ook in een der wrake
die bliksem naar de aarde joeg
om de zondige ziel te raken
God is boos op een slechte mens
zei ze dan onzeker tegen mij
Eerst na de laatste donderklap
lachte ze weer opgelucht en blij