Ja, ik wil.
Ik wil m’n haat niet voeden met m’n angst,
maar nietsdoen lijkt ‘t meest afkeurenswaardig,
wat is het hier en nu toch tergend boosaardig
want, wie niets doet leeft vaak onbedreigd ‘t langst.
Ik wil m’n keuzes laten leiden door verstand
én de drijfveer alles zuiver af te wegen,
maar stééds kom ik de werkelijkheid weer tegen:
zélf heb je maar zo’n klein deel in de hand.
Oók wil ik af, van ‘t populair geschreeuw,
het etiketgeplak, het enge hokjesdenken, de
oprechte zuiverheid van handelen voorkeur schenken
met de moed én zelfvertrouwen van een leeuw.
Maar moet steeds concluderen: je schiet te kort,
met dromen zul je écht niet verder komen,
er zit maar 1 ding op : je kruisje opgenomen,
want hoe langer uitgesteld. hoe zwaarder ‘t wordt.