Het Vertrek
En in de vroege morgen
stond de karavaan ten slotte klaar
Terwijl een kind plotsklaps schreeuwde:
"Waarom, Waartoe, naar Waar"
De leidsman lachte beminnelijk:
"Naar Ispahan, zo Allah wil"
De karavaan zette zich in beweging
en het kind zwaaide nog stil
De herbergier van de karavanserai
keek totdat de karavaan verdween
"Zij komen wel weer terug", sprak hij
"Zij kunnen nergens heen"